Inloggen

 

  zie startpagina

Klik voor de Wereldwinkel

Klik voor de inschrijvingen van de opvang

 

 

 

Syndicatie

Home | Inhoud

leerlingen

LEEFREGELS VOOR  DE  KINDEREN

 

 

We wensen je van harte welkom in De Ark.

Ben je ingeschreven in de kleuterklas, dan kom je in een boeiende wereld terecht.

Kom je naar het eerste leerjaar, dan gaat een nieuwe wereld voor je open.

Of als je nieuw bent in De Ark, dan zal de aanpassing misschien wat tijd vragen. Maar je klasgenootjes en de meesters en juffen zijn er om je te helpen.

 

Geïnspireerd door Jezus en Zijn blijde boodschap willen we samenwerken op weg naar een volgende stap in ons leven. We beseffen dat we alles van Hem gekregen hebben; daarom brengen we respect op voor onszelf, de anderen en de natuur. Om ons hierbij te helpen zijn in onze school een aantal regels uitgewerkt. Enkele daarvan zijn heel duidelijk en bindend. Andere zijn vrijblijvender, dan moet je er zelf over nadenken. We kunnen trouwens niet alles wat wel mag of niet kan hier neerschrijven. Het leven van creatieve mensen in een wereld vol verandering is niet te vatten in kleine regeltjes. Gelukkig maar!

 

Dagverloop

’s Morgens is er les van 8.35 uur tot 11.50 uur, op woensdag slechts tot 11.25 uur.

Na de middag is er les van 13.05 uur tot 15.55 uur, maar op vrijdag van 13.20 tot 15 uur.

Uiteraard is de woensdagmiddag vrij. De poorten gaan open om 8.05 uur en om 13 uur.

 

Enkele tips:

  • Vertrek tijdig, dan moet je je niet haasten.
  • Kom ook niet té vroeg. Het verkeer is te gevaarlijk om op straat te wachten!
  • Wees beleefd en voornaam op straat.
  • Wie vóór 8.05 uur op school aankomt, kan gebruik maken van de opvang.
  • Te laat komen stoort het klasgebeuren. Leerlingen die meer dan 5 minuten te laat zijn, melden zich met hun agenda bij de directeur.

 

1. Respect voor jezelf

Beleefdheid en meeleven met anderen zijn belangrijke waarden in De Ark. Zo krijg je ook vertrouwen van volwassenen en kinderen. Zowel op school als thuis kun je die waarden prima oefenen. Het is de moeite waard om

  • spontaan een handje te helpen, thuis of op school;
  • iedereen met twee woorden aan te spreken;
    • Dag mama!… Tot vanavond, papa!…
    • Goeiemorgen, meneer. Mevrouw, mag ik alstublieft naar het toilet?
  • de deur open te houden om een volwassene te laten voorgaan;
  • spontaan op te rapen wat gevallen is;
  • rustig en voornaam te blijven, ook als je heel blij of boos bent;
  • een excuus aan te bieden na een fout of een misverstand;
  • zorg te dragen voor je eigen gerei;
  • verzorg je houding, zit recht op je stoel;…

 

2. Respect voor je gerief en je kledij:

Alle kledij en persoonlijke voorwerpen (boterhamdozen, etui..) moeten genaamtekend zijn.

Je bent verantwoordelijk voor je gerief:

  • bij aankomst op de speelplaats zet je je schooltas op de schooltasrekken (1° graad onderaan, 3° graad bovenaan)
  • je laat je boterhamdoos of turnzak overdag niet rondslingeren op de schooltasrekken
  • je zet je fiets in je eigen genummerd fietsrek of betonblok. Let op voor schade (kabels, lichten,…) in de fietsenstalling.

 

In onze school kleed je je zo dat de anderen niet enkel verbaasd naar je uiterlijk staren.

    • De directeur beslist steeds over twijfelgevallen.
    • Op school draag je geen vakantiekledij. Kledij kan best modern, zonder aanstootgevend of extravagant te zijn. De buik moet bedekt zijn. Een té schreeuwerige opdruk of teksten die in tegenstrijd zijn met onze schoolvisie worden niet toegelaten.
    • Opvallende sieraden draag je niet. Piercings en tattoos zijn verboden! Kettingen, ringen, oorringen,… zijn niet ongevaarlijk in het spel. Die draag je dus niet. 1 oorring per oor én in de oorlel  is toegelaten.
    • Kledij moet beschermend zijn:
      • de schouders moeten bedekt zijn (geen spaghettibandjes!).
      • je schoeisel moet aan de hiel vastzitten (strandslippers en crocs zijn niet veilig en dus niet toegelaten.)
      • Ook combatschoeisel (en –kledij) draag je hier niet.
    • Draag ook zorg voor kledij of voorwerpen van iemand anders: een jas die op de grond gevallen is, hang je terug aan de kapstok.

 

3. Respect voor andere leerlingen

Op school moet je vooral studeren. Oefenen hoe je met anderen moet omgaan is minstens even belangrijk.

  • Help mee om een nieuwe leerling op te nemen in de klasgroep.
  • Spreek klasgenoten aan met hun voornaam, zoals je dat zelf het liefste hebt.
  • Leer luisteren! Luister echt, zonder meteen aan je eigen antwoord te denken.
  • Als je een stukje leerstof uitlegt aan een vriend(in), ken je het zelf veel beter.
  • Draag zorg voor kledij, boeken, gerei van anderen. Als je ziet dat iemand iets verliest, raap het dan op en geef het aan de eigenaar of hang het aan de kapstok.
  • Aan kleren trekken, met schooltassen zwaaien,… is niet toegestaan.
  • Op de speelplaats gun je anderen ook wat plezier. Daarom moet je af en toe jezelf wel eens wat intomen.
  • Laat iedereen in de klas erbij horen. Als je pestgedrag ziet, meld dat dan aan de leerkracht.
  • Omwille van het risico is gooien met sneeuwballen  niet toegestaan. Baantje glijden kan als de leerkracht het toestaat, maar nooit met twee tegelijk op één ijsbaan.

 

4. Respect voor de meester, de juf, de directeur

  • Je spreekt je leraar of directeur altijd aan in keurig Nederlands.
  • Op school praat je met twee woorden (zie hoger).
  • Na een opmerking of straf past een excuus:
    • Wilt u mij verontschuldigen…
    • Het spijt me, zo had ik het niet bedoeld…
    • Neemt U mij niet kwalijk…
  • Waarom zou een ‘dank u wel’ niet passend zijn als je meester of juf, speciaal voor jou, een extra-inspanning doet?
  • Kom je te laat, dan geef je bij excuus voor het storen van de les een verklaring!
  • Meen je dat je een straf niet helemaal verdiend hebt, vraag dan in de speeltijd of je de leerkracht even kunt spreken. Blijf vooral beleefd!
  • Het is de gewoonte om ’s morgens of ’s middags op de speelplaats de meester, juf en directeur beleefd een goeiedag te zeggen.
  • Het siert je ook om buiten de school het personeel te begroeten.
  • Je getuigt ook van respect als je je taken, lessen,… tijdig en volledig voorbereidt en volgens de afspraak binnenbrengt.

 

  1. De klassen, gebouwen en materialen
  • Gebruik de vuilnismanden; dan hoeft niemand papier of resten op te rapen;
  • Als je de toiletten gebruikt zoals het hoort, dan blijven ze net voor de andere kinderen:
    • was je handen na elk toiletbezoek: één schuimeenheid volstaat.
    • droog je handen aan de papieren servetten! Eén servet uit de automaat volstaat!
  • Orde in de lessenaar bespaart veel tijd.
  • Een leerling mag nooit in klas achterblijven zonder toezicht van de juf/meester. Wie met een ziektebriefje of een aanvraag van de ouders binnen moet blijven, brengt deze voorlopige opvang door in de kleuterrefter.
  • Draag zorg voor het materiaal dat je gratis mag gebruiken: boeken, meubilair, de gebouwen en toiletten, speeltoestellen… Opzettelijke schade of verlies van boeken of materialen zal door je ouders moeten betaald worden. Daarnaast verwachten we nog een ‘herstelgerichte actie’ van de leerling zelf.
  • Het is fijn als je onopzettelijke schade zelf probeert te herstellen of dat komt melden bij de directeur.
  • Boeken en schriften worden gekaft en krijgen een etiket. Zo blijven ze netter.
  • Al je spullen moet je naamtekenen. Laat je gymspullen regelmatig wassen.
  • Iedere kleuter of leerling is medeverantwoordelijk voor de netheid van onze school. Je laat dus niets slingeren in de gangen of op de speelplaats.
  • Wie buiten de schooluren in de zaal of op de speelplaats is (b.v. voor een familiefeest, met de KSA,…) heeft nooit toegang tot de gangen, klassen of andere accommodatie.

 

  1. Op de speelplaats:
  • Voor je eigen veiligheid blijf je op de speelplaats. Je gaat dus nooit terug naar huis om vergeten zaken op te halen.
  • School- en zwemtassen, boterhamdozen,… horen thuis in de daartoe voorziene rekken.
  • Het tweede belteken = het stilteteken. Vanaf dan is het stil, ook in de gangen.
  • Draag je ook zorg voor de speeltuigen en de materialen? En de beplantingen?
  • In de speeltijden pomp je het best je longen vol verse zuurstof. Dat kun je het best door veel te spelen en te bewegen. Slang, paardje en haasje over zijn echter te gevaarlijk!
  • Om verschillende redenen breng je géén stickers, verzamelkaarten of andere ruilvoorwerpen mee naar school. Dergelijke ‘handeltjes’ zijn niet toegestaan!
  • Ook prullen en te dure spullen laat je thuis om moeilijkheden te vermijden.
  • Snoep verstandig, eet een appel! Snoepen is hier niet toegestaan.

 

 

7.  Ballenreglement en speelplaatsspellen

  • Elke maand zet ons Speelkonijn een ander spel in de kijker. Zo maak je tijdens het jaar kennis met verschillende speelplaatsspelletjes (hoelahoepen, touwtjespringen, bikkelen,…).
  • Afspraken i.v.m. ballen:
    • Voetbal is enkel toegestaan met de mousseballen!
    • Bij regen wordt er niet met de moussebal gespeeld.
    • Bij een natte speelplaats beslist de leerkracht van toezicht of er met een moussebal gespeeld wordt.
    • Tijdens de korte speeltijden wordt enkel met plasticballen gespeeld (tijdens de korte speeltijden wordt er dus niet gevoetbald).
    •  Er zijn twee mousseballen voor de twee sportvelden. De ballen liggen steeds in de mand bij het bureau van de directeur. De plasticbal is een klasbal.
    • Volg de planning over het gebruik van de twee sportvelden goed op.
    • Voetbal echter met beheersing: keiharde schoppen zijn niet toegestaan.
    • Bij het eerste belteken wordt de bal zo vlug mogelijk op de correcte plaats in de ballenmand teruggelegd.

 

 

8.  In de gangen

Een gang maakt geen deel uit van de speelplaats. Ook daar zorgen we dus voor orde en tucht.

  • In de gang is het stil, zowel voor als na de les. Praten doe je pas buiten.
  • Bij het eerste belteken sta je in de rij. Onthoud: tweede belteken = stilteteken! Je gaat naar de klassen zonder praten, niemand loopt uit de rij. Lopen op de trap is gevaarlijk! Duwen en trekken op de trappen is uit den boze! In de gangen mag je niet lopen.
  • Hang je kleren netjes aan de kapstok, laat niets op de grond slingeren.
  • Hang jij ook terug wat op de grond gevallen is?
  • Turn- of zwemgerief horen in een passende tas, niet in een plasticzak.
  • Voor de veiligheid van de anderen, hou je je schooltas naast je zonder slingeren.
  • Tijdens de speeltijden moet je genieten van de frisse buitenlucht. Je speelt dus niet in de gangen of de klassen, noch in de toiletten.

 

 

 

9. In de refter

Het eten smaakt nog zo lekker in een omgeving waar je van je maaltijd kan genieten. Daarom:

  • Tijdens de maaltijd kan je rustig praten met je buren.
  • Eet met mes en vork.
  • De maaltijd afhalen gebeurt bij het binnenkomen.
  • Je groenten worden steeds opgegeten, aardappelen en saus kan je eventueel overlaten. Vraag dus een (grote of kleine) portie die je opkrijgt.
  • Als je nog een portie bijvraagt, gebeurt dat steeds mét groenten!
  • Soep drink je naar keuze, maar wat je neemt, drink je ook op.
  • Ieder krijgt plat water en soep. Yoghurt mag je wel meebrengen.
  • De eerste dag van de schoolweek deel je je keuze mee voor de hele week: volle maaltijd of enkel soep. Dan zorg je zelf voor een behoorlijke maaltijd met een rijke voedingswaarde. Boterhammen moeten in een boterhamdoos.
  • Het is fijn als je het personeel of de kleutertjes helpt in de refter (kleuters begeleiden,  aankleden, helpen afruimen,…).

 

10. Gezonde voeding, gezonde levensstijl

  • Op het schooldomein mogen leerlingen hun GSM of smartphone niet gebruiken.
  • Elke voormiddag kan je melk of fruitsap drinken. Na de middag kun je een tussendoortje en plat water in een herbruikbare verpakking meebrengen.
  • Snoep is niet gezond. Liever een appel of een droge koek.
  • Donderdag is boterhamdag; dan wordt enkel brood of fruit meegebracht.
  • Elke dinsdag is er ‘fruitproject’; dan krijgt elk kind een stuk fruit. Dit Tutti-Frutti-abonnement verloopt in samenwerking met het CLB en is verplicht voor alle kinderen.
  • Koeken (géén chocolade aan de buitenkant), boterhammen,… worden verpakt in herbruikbare of milieuvriendelijke verpakkingen (geen aluminiumfolie dus).
  • Na het toiletbezoek was je je handen (met weinig zeep). Zorg ervoor dat het papieren serviet in de papiermand terechtkomt (niet in het toilet of op de grond).
  • Controleer na het toiletbezoek de toiletpot op ‘remsporen’. Verwijder die desnoods met de toiletborstel.
  • Zorg ook voor je lichaam: korte en zuivere nagels, je bent gewassen met water (en zeep) voor je naar school komt.
  • Zorg steeds voor een zakdoek of papieren zakdoekjes in je lessenaar of schooltas.

 

11. Huiswerk, straf en bijwerk, avondstudie

Soms krijg je een extra taak opdat je vlugger het klaspeil zou bereiken. Dat is uiteraard geen straf, maar bijwerk. Aanzie dit als een extra hulp, een vorm van studeren.

Een straf echter is een noodmiddel om je tot inzicht te brengen over je gedrag of attitudes.

  • Bij een gewone straf krijg je een melding in de agenda, die door je ouders ondertekend wordt. Bij een ernstiger straf hoort een blauw meldbriefje (bevat de reden van je straf). Het meldbriefje wordt door je ouders ondertekend; daarna bezorg je het aan de directeur.
  • De volgende klasdag geef je je straf aan de betreffende leerkracht.
  • Gebruik geen tipp-ex. Als je met een pen schrijft, kun je makkelijker een fout netjes verbeteren.
  • Zorg voor een nette afscheuring als je meester/juf maar één enkel blad wenst.
  • Wie een werk te laat indient, kan bestraft worden.
  • Leerlingen vanaf het eerste leerjaar kunnen een halve avondstudie volgen. Leerlingen van het vierde, vijfde en zesde leerjaar wordt aanbevolen om in de begeleide avondstudie te blijven. Daar maak je in een rustige studiesfeer je huiswerk of kun je je voorbereiden op een toets of de voorbije lessen herhalen. Strips lezen, tekenen,… doe je niét in de studie. Een boek lezen kan desnoods wél. Het studiereglement vind je hieronder, als bijlage.

 

12. Agenda, rapporten en proefwerken

  • Je laat je agenda nazien en ondertekenen door je ouders (eerste graad dagelijks, tweede en derde graad wekelijks)
  • Rapporten en toetsen worden de maandag (ondertekend!) terug meegebracht.
  • Spieken maakt een proefwerk waardeloos. Daarom krijgt wie spiekt of helpt spieken nul punten.

 

13. Brandalarm

  • Omdat niemand kan weten of een alarm echt is of als het om een oefening gaat, moet bij ieder alarm de klas ontruimd worden.
  • Bij het horen van de sirene verlaten de leerlingen de lokalen o.l.v. de leerkracht.
  • Ramen en deuren worden dichtgedaan.
  • Rustig, zonder lopen gaat de klas naar de speelplaats of de parking.
  • De leerlingen staan in volgorde op een rij en wachten de instructies af.
  • Niemand verlaat de groep of de school zonder bevel.

 

14. Fietsen

  • Op school krijg je een nummer toegewezen voor je fiets. De fietsenstalling is echter zonder bewaking! Stel je schade vast of veroorzaak je zelf een ongelukje, verwittig dan onmiddellijk je titularis.
  • Wie schade veroorzaakt en dit niet meldt, wordt ernstig gestraft.
  • Wees voorzichtig bij het inschuiven van je fiets; een hapering is zo gebeurd.
  • Sluit je fiets of step en zet er geen overbodige kwetsbare spullen op (zoals een fietscomputer). Een ongewoon breed stuur veroorzaakt schade bij de buren.
  • Controleer regelmatig de draden van de verlichting en kabels van je remmen. Als ze loshangen, worden ze te gemakkelijk beschadigd bij het inschuiven.
  • Ledverlichting is handig, maar laat je best niet onbewaakt op je fiets achter.
  • Een step wordt aanzien als een fiets. Die hoort dus ook in het fietsenrek. Steppers gaan echter met de rij mee naar huis (voetpad).
  • Een fietser draagt altijd een fluohesje. Een helm is sterk aangeraden. Bij klassikale uitstappen per fiets zijn een helm en een hesje verplicht.
  • Je gebruikt steeds het rode paadje naast de afsluiting, ook als voetganger (je stapt naast je fiets). Je laveert niet tussen de auto’s op de parking.

 

15. Verjaardag vieren

Op je verjaardag mag je een hele dag in de belangstelling staan. Op die dag trakteer je niet zelf, maar word je getrakteerd met een attentie in de klas.

  • Er worden dus geen cadeautjes of traktaten uitgedeeld. Niet ieder gezin beschikt immers over dezelfde financiële mogelijkheden.
  • Uitnodigingen voor verjaardagsfeestjes worden in school enkel uitgedeeld als de hele groep gevraagd wordt. Het zal je kind maar wezen dat nooit uitgenodigd wordt…

 

16. De Ark is een pestvrije school

  • Ik doe niets bij een ander kind wat ik zelf niet prettig vind.
  • Wij doen niet mee aan pesten, uitlachen of roddelen en spreken nooit lelijk over elkaar.
  • Wij sluiten niemand buiten de groep en noemen elkaar bij de voornaam.
  • Niemand heeft het recht om een ander uit te schelden, te schoppen, te slaan of te spuwen.
  • Wordt er gepest, dan praten we er thuis en op school over; we houden het niet geheim.
  • Als er iets gebeurt wat je niet leuk vindt, probeer je eerst samen te praten.
  • Kom je er niet uit, dan ga je naar de meester of de juf.
  • Deze regels passen we toe op school én daarbuiten. Pesten, ik doe er iets aan!

 Op school wordt er vaak gevoetbald. Er zijn echter nog veel andere leuke spellen waar je met heel veel kinderen kunt samenspelen. Klik hier om een hele reeks aantrekkelijke tik- en balspelen te zien. Veel speelplezier.